Schapen komen aangerend zodra ze me zien. Teleurgesteld druipen ze af als ze in de gaten krijgen dat ik niet de voederbak ga vullen.

Tegenovergesteld

De jongen van de reeën beginnen groter te worden. De ouders houden ze in de gaten en de jongen zijn zelf ook al alert en snel. Meestal zie ik er wel een paar als ik ‘s morgens vroeg op pad ben. Vanmorgen waren het er veel en wat ze allemaal gemeen hebben is vluchtgedrag. Zodra ze je in de gaten hebben zijn ze alert en blijven stokstijf stilstaan. En als je nog dichter bij komt rennen ze, zo snel ze kunnen naar beschutte plekken.

Heel anders is dat met schapen. Ze zijn volledig gewend aan de aanwezigheid van mensen. Terwijl ik kom aanfietsen ziet één van de schapen mij aankomen. Niet veel later kijken ze allemaal mijn kant op en als ik af wil stappen komen ze rennend mijn kant op. Een prachtig gezicht, ik weet niet hoe snel ik mijn camera tevoorschijn moet halen. Ze zijn er al bijna. Onhandig sta ik met mijn fiets. Het statief in de ene hand en mijn camera in de andere. Het lukt nog net om een paar foto’s te maken. De schapen hebben al snel in de gaten dat ik de voederbak niet kom vullen. Teleurgesteld druipen ze weer af, ze zijn niet meer geïnteresseerd.